index

2001 nl
Stichting Internationale Beelden Collectie, Rotterdam, Nederland

Dijken zijn niet geschikt om vlaggenmasten in te planten, althans niet van vijftig meter hoog. Als dat wel mogelijk was geweest, had er in 2001 boven de Westzeedijk een immense rood-wit-blauwe vlag gewapperd, zichtbaar voor iedereen. Of was de onmogelijkheid om in een zeewering een betonnen fundering aan te brengen slechts een excuus dat door stichting Internationale Beelden Collectie Rotterdam (de opdrachtgever) is aangegrepen om Doorenweerds kunstwerk niet te hoeven plaatsen? En als dat niet zo is, waren ze dan achteraf misschien toch opgelucht? Een jaar later zou deze stad immers wereldberoemd zijn vanwege het populistische nationalisme dat in de persoon van Pim Fortuyn het stadhuis van Rotterdam had ingenomen, waarvoor heel intellectueel Rotterdam – toegegeven, een kleine groep in deze stad – zich nog jarenlang moest verontschuldigen. Ineens zou Doorenweerds kunstwerk politiek zijn geworden, een provocatie, satire, commentaar, kritiek, politiek incorrect, fout of juist heel erg kritisch en daarom goed. Als het kunstwerk was geplaatst en het oranje-blanje-bleu had megalomaan gewapperd in de skyline van Rotterdam, als een vooruitverwijzing naar het logo van de Partij voor de Vrijheid, dan zou de van angst en walg vergeven discussie over nationale identiteit en Joods-christelijke Hollandse Leitkultur een geweldige bliksemafleider hebben gevonden. Het kunstwerk zou het middelpunt zijn geworden in een hilarische draaikolk van hysterie en pathos, misverstanden en verwijten, en daarmee een miniatuurversie hebben gecreëerd van het Nederlandse publieke debat van de afgelopen zes jaar. Doorenweerd was als ‘politiek geëngageerd kunstenaar’ Hans van Houwelingen voorbijgestreefd en zijn werk zou door columnist Bas Heijne zijn geciteerd als satire op het populisme, maar tegelijkertijd door integratieprofessor Paul Scheffer zijn verwelkomd als een teken van terugkerende nationale trots. Het zou ook door de traveling salesman van het Nederlands ontwerp Aaron Betsky op de kaften van boeken over Dutch Design zijn gezet. En postume Fortuynianen van Wilders tot en met Pastors hadden de reuzenvlag gebruikt als beeldmerk voor hun campagnes of als achtergrond voor hun filmpjes in hun campagnes voor de Tweede-Kamerverkiezingen. Misschien was het wel geëindigd in een nieuwsbericht dat Jeroen Doorenweerd de eerste Nederlandse kunstenaar was die beveiligd moest worden. (Wouter van Stiphout, in 'Jeroen Doorenweerd' Nai Publishers 2009)